TNO - Kennis voor zaken
 
 
 
 
 
Bij de winning en ondergrondse opslag van delfstoffen moet worden vastgelegd om welke hoeveelheden het gaat. De Mijnbouwwet bepaalt dat een maatschappij de gegevens binnen vier weken na afloop van de maand waarin ze gemeten zijn aan de Nederlandse overheid moet verstrekken (zie artikel 111 en 112 van het Mijnbouwbesluit). Na nog eens vier weken worden de metingen vrijgegeven. TNO-NITG beheert de gegevens voor de overheid en verzorgt de vrijgave. De gegevens kunnen gratis worden geleverd omdat TNO-NITG geen verstrekkingkosten hoeft te maken.
TNO-NITG kan via DINOLoket alleen de gegevens verstrekken die het van de maatschappijen heeft gekregen. Omdat de informatiestroom vanuit de maatschappijen nog niet goed op gang is gekomen, is de informatie onvolledig.

Winning
Winninggegevens moeten de maatschappijen per put, per mijnbouwwerk en per vergunning verstrekken. Het gaat daarbij niet alleen om de te winnen delfstoffen. Met een delfstof kunnen allerlei andere stoffen mee omhoog worden gebracht. Ook kan een maatschappij bepaalde stoffen inbrengen om het proces van winnen te ondersteunen. De Mijnbouwwet bepaalt dat maatschappijen in beginsel van alle stoffen die zij uit de grond halen of in de grond stoppen moeten opgeven om welke hoeveelheden het gaat. De maatschappijen moeten ook voor iedere delfstof opgeven hoeveel er op het mijnbouwwerk is verbruikt, hoeveel er is vernietigd, en hoeveel er uiteindelijk vanuit het vergunninggebied is afgevoerd. De afgevoerde hoeveelheid delfstof is de netto hoeveelheid. De hoeveelheid delfstof die men uit de grond haalt is de bruto hoeveelheid.

Via DINOLoket kunnen alleen de gegevens uit de olie- en gaswinning ter beschikking worden gesteld. Gegevens uit de zoutwinning worden nog niet aangeleverd. De olie- en gasgegevens kunnen per put en per vergunning worden opgevraagd. Per put zijn dat op dit moment de bruto hoeveelheden van de delfstoffen en van het water dat mee naar boven komt. Per vergunning worden de netto hoeveelheden delfstoffen verstrekt.

TNO-NITG beschikt ook over gegevens per mijnbouwwerk, maar die informatie is zeer onvolledig. Als u de gegevens van een mijnbouwwerk wilt hebben, kunt u altijd informeren of die gegevens bij TNO-NITG aanwezig zijn (info@dinoloket.nl)

Opslag
Delfstoffen worden ondergronds opgeslagen om buffervoorraden te vormen. In een bepaalde periode kan een voorraad zowel worden bijgevuld als worden aangesproken. De maatschappijen moeten per maand opgeven hoeveel er in de ondergrond is geïnjecteerd, hoeveel er weer uit de ondergrond naar boven is gehaald, hoeveel er op het mijnbouwwerk is verbruikt, hoeveel er is vernietigd en hoeveel er uiteindelijk van het mijnbouwwerk is afgevoerd.
De Mijnbouwwet schrijft voor dat een maatschappij de opslaggegevens per voorkomen moet verstrekken. Een voorkomen is een ondergrondse opslagplaats. Omdat iedere vergunning betrekking heeft op een enkele opslagplaats, worden de opslaggegevens door TNO-NITG per vergunning verstrekt.

U kunt op de startpagina een gegevenstype selecteren als u gegevens wilt aanvragen.

Email: info@dinoloket.nl