TNO - Kennis voor zaken
 
 
 
 
 

De belangrijkste voorloper van het onder DINO opererende grondwaterstanden archief is het door TNO NITG opgezette archief Grondwatermeetnetten. De fusie van diverse archieven in DINO onder een noemer maakt het mogelijk oppervlaktewaterstandsgegevens te combineren met b.v. boorgegevens uit het boorarchief. Locatiegegevens vormen een belangrijk basisgegeven in DINO. Nadat dit lange tijd samen met de Geologische Stichting en later met de Rijks Geologische Dienst (RGD) was onderhouden is dit in het begin van de jaren ’80 ingevoerd in de computer. Dit gebeurde op meerdere plaatsen: zowel bij de toenmalige DGV-TNO als ook bij de RGD. Bij het dagelijks beheer van de data worden gegevens gecorrigeerd.

Een tweede punt dat te maken heeft met de lokatiebepaling is het volgende. Wanneer bemonsteringslokaties bij het oppervlaktewaterstandenarchief werden aangeleverd die dicht bij elkaar stonden (in veel gevallen waren dit puttenvelden voor de waterwinning) werden deze voorzien van één coordinatenpaar dat was gesitueerd in het midden van het desbetreffende gebied. Deze zogenaamde clusters zijn nog steeds in DINO te vinden. Maar zullen in de loop van het Kwaliteits Verbeterings Project verder worden gecorrigeerd.

Over de herkomst van de maaiveldshoogte valt op te merken dat van oudsher twee bepalingsmethoden werden gebruikt; d.m.v. landmeting nauwkeurig bepalen, dan wel d.m.v. schatting aan de hand van de Hoogtekaart 1:10.000. Tegenwoordig zijn modernere methoden in gebruik.

Er is een voorbeeld van een verstrekking beschikbaar.

U kunt op de startpagina een gegevenstype selecteren en een aanvraag doen, u kunt gebruik maken van de grafische selectie om gegevens te selecteren of u kunt doorgaan naar de pagina Selectiegegevens invoeren voor oppervlaktewaterstanden.

Email: info@dinoshop.nl