TNO - Kennis voor zaken
 
 
 
 
 

Het aantal metingen en de daaruit af te leiden parameters van de ondergrond is beduidend groter dan bij sonderingen en ligt in de orde van enkele honderden parameters. Ruwweg kunnen de metingen onderverdeeld worden in elektrische en elektromagnetische metingen, radioactieve metingen (natuurlijke straling, dichtheid, porositeit etc .), akoestische/seismische metingen, optische metingen (met een camera), stromingsmetingen en vloeistofkwaliteitsmetingen (geochemie).

De meest gebruikte en door TNO gemeten parameters zijn:

  • SN (’short normal’) en LN (’long normal’) schijnbare resistiviteiten: deze metingen geven de schijnbare elektrische resistiviteit (in Ohm.meter) weer van de ondergrond met het daarin aanwezige zoet, brak of zout grondwater.
  • GR (’gamma ray’): een meting van de straling uitgezonden door in de ondergrond natuurlijk aanwezige radioactieve elementen zoals kalium, uranium en thorium. Normaliter hebben kleilagen een hoge GR-waarde en vertonen zanden een lage GR-waarde.
  • CALIPER: de diameter van het boorgat. Dit geeft uitsluitsel over insnoeringen (waar wellicht kleilagen opzwellen) en uitspoelingen (waar de boorkop meer materiaal heeft weggeslagen).
  • RES (’resistance’): de weerstand (in Ohm) ter plekke, die lokaal een beeld van de elektrische weerstand i.p.v. de meer gemiddelde SN en LN metingen.
  • SP (’spontaneous potential’): deze spanningsmeting (in millivolt) brengt tot uitdrukking de lokale elektrochemische en elektrokinetische spaningsverschillen die optreden bij kleien en bestanddelen in de boorspoeling die neerslaan op de boorgatwand.

Boorgatmetingen verschaffen gedetailleerde informatie over lithologie (zand, klei en veen) en waterkwaliteit (zoet, zout en verontreinigingen) en zijn bij uitstek geschikt voor het maken van een definitief ontwerp van een put. Een voorbeeld van de lithologische interpretatie is te zien in het voorbeeld in kolom LITH1. Daarin is aan de hand van de boormonsterbeschrijving en de boorgatmetingen weergegeven waar de fijne zanden (geel met kleine rondjes), grove zanden (geel met grote rondjes) en kleien (groen) aanwezig zijn. Naast de vaststelling van de beginsituatie van putten, zijn boorgatmetingen ook geschikt voor een oplevercontrole van putten (kleiafdichting, putcapaciteit, grondwaterkwaliteit etc.) en monitoring van putten.

U kunt op de startpagina een gegevenstype selecteren en een aanvraag doen, u kunt gebruik maken van de grafische selectie om gegevens te selecteren of u kunt doorgaan naar de pagina Selectiegegevens invoeren voor boorgatmetingen.

Email: info@dinoshop.nl